woensdag 12 september 2012

Hoe ver stuitert Obama van Romney weg?


Nu allebei de partijen hun conventies achter de rug hebben, wordt de balans opgemaakt. Welke kandidaat en welke partij hebben het meeste voordeel van hun conventie gehad?

Veel analisten kijken natuurlijk naar de peilingen om te zien welke van de twee kandidaten het meeste voordeel uit de enorme mediapubliciteit voor de conventies heeft getrokken. Het antwoord op die vraag lijkt in ieder geval duidelijk: Barack Obama. De race die al sinds enkele weken statistisch gelijk opliep heeft na de Democratische Conventie een kleine, maar duidelijke voorsprong (een zogenaamde “bounce” of “stuitering”) voor President Obama opgeleverd. Zowel de peiling van Gallup als die van het conservatieve bureau Rasmussen Reports laten zien dat Obama zijn voorsprong met 5 procent heeft vergroot als gevolg van de Democratische conventie in Charlotte, North Carolina. Dat is precies het gemiddelde dat alle kandidaten na een conventie genieten.

Maar volgens de peilingen kreeg Mitt Romney geen enkel voordeel van de Republikeinse Conventie de week tevoren, en dat moet Republikeinen flink zorgen baren. De meeste kandidaten hebben een meetbaar voordeel van een conventie. Het is goed mogelijk dat enig voordeel dat Romney genoot direct weer werd opgeslokt door de media-aandacht voor de Democraten. Het is tamelijk ongewoon dat de twee conventies direct op elkaar volgen. Ook heeft de kandidaat die als laatste wordt gepresenteerd vaak meer voordeel dan de eerste kandidaat.

Dat de Democratische conventie een groter positief effect op haar kandidaat had vond ook David Brooks, de conservatieve columnist van The New York Times. Als commentator voor het nieuwsprogramma PBS News Hour (van de publieke omroep) liet hij zich na de Republikeinse conventie ontvallen dat Romney er weliswaar in was geslaagd zich als mens voor te stellen, maar de volgende week liet hij weten dat “de Republikeinse conventie er achteraf een stuk slechter uitziet” (volgens de linkse blogger Matt Yglesias op zijn Twitter-account).

Wat de peilingen betreft, wijzen veel Republikeinen en conservatieve commentatoren er – terecht – op, dat landelijke peilingen weinig betekenen in het licht van het getrapte electorale systeem in de VS. Maar toch ziet het er voor Obama een stuk rooskleuriger uit, ook in de swing states. Volgens Jim Vandehei en Mike Allen van Politico is het gezien de peilingen in de individuele staten voor Barack Obama een stuk makkelijker om de benodigde kiesmannen in de wacht te slepen. Met name in Ohio neemt Obama langzaam maar zeker een statistisch significante voorsprong. Zonder Ohio is het voor Romney een stuk moeilijker om het Witte Huis te pakken.

De redactie van het conservatieve (pro-Romney) opinieblad National Review probeert de moed erin te houden. In wezen zegt het blad: we kunnen er niet omheen dat Obama flink voordeel lijkt te hebben van de conventie en dat de race er voor hem nu beter uitziet, maar het voordeel lijkt vooral in de toch al veilige Democratische staten plaats te vinden. Met andere woorden, dat zijn weggegooide extra stemmen voor Obama die geen invloed hebben op de uitkomst van de verkiezingen en dus de landelijke peilingen vertekenen. Er blijven Romney nog verschillende routes (d.w.z. combinaties van andere staten) om alsnog de 270 punten te behalen.


Een dergelijke redenering is niet onmogelijk. Karl Rove onderschrijft die hypothese in ieder geval op zijn blog. Volgens hem is er in de individuele staten niets wezenlijks veranderd. De voorsprong in de schatting van het Electorale College die Obama heeft is slechts 34 punten, met nog veel grote staten zeer onduidelijk (met name Florida met 29 punten of kiesmannen, Ohio met 18, Michigan met 16, North Carolina met 15 en Virginia met 13). Zie de kaart hierboven.

Nate Silver van het FiveThirtyEight blog van The New York Times, een zeer gerespecteerd politiek analist, geeft Obama daarentegen een kans van 79,7% om herverkozen te worden, gebaseerd op zijn gewogen gemiddelden van de peilingen in de staten.

Wie gelijk heeft, is moeilijk te zeggen. David Fahrenthold van de Washington Post herinnerde zijn lezers er nog maar eens aan dat op dit moment in de race in 2008 Obama nog een achterstand had op McCain en dat “Joe the Plumber”, een loodgieter uit Ohio die in september 2008 bekendheid verwierf tijdens de campagne, niet meer was dan enkel “Joe, de een of andere loodgieter uit Ohio”. Er kan nog veel gebeuren.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten