woensdag 3 februari 2016

Iowa schudt verkiezingen enigszins op

Afgelopen maandag vonden de eerste echte voorverkiezingen in de Verenigde Staten plaats, de eerste stap in het lange proces waarmee Amerikanen hun president kiezen. De hysterie was in 2015 al flink gestegen, gevoed door een toenemende vijandigheid tussen Republikeinen en Democraten, een sensatiebeluste media die elke publieke onenigheid tussen president en oppositie als catastrofale crisis presenteerde, een splitsing van beide politieke partijen in onverenigbare kampen die zich achter verschillende presidentskandidaten schaarden en Donald Trump. Maar tot maandag waren er enkel opiniepeilingen – in overdaad – als graadmeter voor de mening van de kiezers.

Het belang van de uitslagen van de voorverkiezingen in Iowa kan makkelijk overdreven worden. In werkelijkheid is Iowa relatief klein en kandidaten kunnen er weinig gedelegeerden verzamelen voor op de uiteindelijke partijconventie, vooral omdat het systeem in Iowa (caucuses) alleen op indirecte wijze gedelegeerden toewijst (namelijk via regionale partijconventies waar gedelegeerden naar de staatspartijconventie worden gekozen die op hun beurt pas de gedelegeerden voor de nationale conventie kiezen). Daarnaast zijn er andere regio’s die vol zitten met andere kiezers die andere voorkeuren hebben. Desondanks veroorzaakten de uitslagen van Iowa een kleine aardschok, omdat ze voor beide partijen de verwachtingen tegenspraken.

Aan Republikeinse kant won Donald Trump niet de eerste plaats, zoals alle peilingen voorspelden; die eer ging naar Senator Ted Cruz uit Texas. Trump behaalde een zeer eervolle tweede plaats, maar het feit dat hij de andere kandidaten niet wegvaagde betekende in ieder geval dat de luidruchtige Trump een toontje lager moest zingen. Opvallend was de zeer goede plaatsing van Senator Marco Rubio uit Florida, die slechts 1 procent minder stemmen dan Trump kreeg. Daarmee is de campagne aan Republikeinse zijde in wezen veranderd in een race tussen deze drie kandidaten. Rand Paul, Rick Santorum en Mike Huckabee gaven aan, dat zij het bijltje er bij neer gooiden.

Ik schat de kansen voor Rubio echter zeer positief in. Met het vertrek van de andere kandidaten – en er zullen er de komende weken nog meer afvallen – is hij het meest logische alternatief voor veel van hun supporters. Peilingen gaven al lang aan, dat Rubio de nummer twee van velen is. Zowel Trump als Cruz stuiten op veel weerstand bij liberaal-conservatieve kiezers; de persoonlijkheden van beide heren staan veel kiezers in verschillende subgroepen binnen de partij niet aan. Rubio is zeker niet minder rechtlijnig dan Ted Cruz (hij scoort in veel opzichten zelfs als ‘rechtser’ dan Cruz), maar hij is geen provocateur. Hij weet hoe je moet samenwerken en dingen gedaan krijgen. Zo geldt voor veel conservatieven als zeer positief dat Rubio verantwoordelijk is voor het dichten van een enorm financieel gat in de door Republikeinen zo gehate gezondheidswet Obamacare. Hij wist een amendement goedgekeurd te krijgen waarmee bijna ongelimiteerde subsidies voor gezondheidsverzekeraars werden gestopt, een stap die de financiële luchtspiegelingen van Obamacare blootlegt en zowel verzekeraars als de regering dwingt realistischere kostenramingen te het gebruiken. Die tonen aan dat Obamacare de economie (en de belastingbetaler) veel meer geld kost dan het geval was vóór de invoering van de wet.

Aan Democratische kant behaalde Hillary Clinton slechts een zeer nipte overwinning op sociaal-democraat Bernie Sanders. Ondanks de brede glimlach tijdens haar overwinningsspeech is die uitslag een blamage voor de vrouw die al meer dan acht jaar meent “aan de beurt” te zijn in het Witte Huis, en dat geldt niet minder voor de partijbonzen, die Clinton al jaren opwarmen voor die positie.

In werkelijkheid heeft Hillary Clinton veel gewone Democratische kiezers niets te bieden. Het land is zeer gedesillusioneerd door het zwakke economische herstel en het zwalkende bestuur van president Obama. Tot voor kort probeerde Clinton te laveren tussen een afstandelijke houding tot haar vorige baas (ze diende onder hem als minister van buitenlandse zaken) en een vereenzelviging met de boodschap van “hope and change” van Obama in 2008. Uiteindelijk betekende die houding een gebrek aan boodschap.

Maar het succes van Sanders, die wel een krachtige boodschap heeft, en de toenemende geruchten vanuit de FBI over de wanpraktijken van Clinton tijdens haar ministerschap, hebben Hillary er recentelijk toe gedreven koers te veranderen. Ze maakt ideologische een inhaalslag op Sanders, door zo mogelijk nog linkser te klinken dan senator uit Vermont. Of die omslag haar zal helpen, is onduidelijk, vooral omdat het zo overduidelijk huichelachtig is: Clinton zal nooit linkser kunnen zijn dan een man die op huwelijksreis naar de Sovjet-Unie ging. De volgende voorverkiezingen zijn in New Hampshire, de buurstaat van Vermont en eveneens bekend als zeer links, waar Sanders waarschijnlijk flink zal winnen.

Alle ogen zijn nu op New Hampshire gericht. Donald Trump is zeker nog niet uitgeteld, maar het is onduidelijk hoe goed hij in het noordoosten zal presteren zeker nu er flinke onzekerheid is ontstaan over de betrouwbaarheid van de peilingen. Die peilingen verwachten een monsterzege voor Trump, maar de auteur dezes hoopt op een snel vertrek van Trump, wiens aanwezigheid veel gematigde zwevende kiezers afschrikt. Anderzijds dreigt er nog steeds het gevaar dat Trump uit de race stapt om zich als onafhankelijke kandidaat verkiesbaar te stellen, hetgeen catastrofaal voor de Republikeinen zou zijn. Wellicht dat het vertrek van nog meer Republikeinse kandidaten de steun voor Rubio zal versterken en daarmee de race een nieuwe wending zal geven. Wat de Democraten betreft is het momenteel belangrijker wat de FBI en de openbare aanklager besluiten over mogelijke vervolging van Hillary Clinton dan wat kiezers in Amerika zeggen.