zaterdag 28 maart 2015

Vertrek van een geweldenaar

Harry Reid in 2010
Foto: SEIU (CC 2.0)

Harry Reid, de machtige Democratische senator, ziet af van herverkiezing in 2016.Zijn meedogenloze en gewetenloze machtspolitiek hebben enorme schade aangericht aan de Senaat en de Amerikaanse democratie. Zijn vertrek kan niet snel genoeg komen.
Vrijdag kondigde senator Harry Reid aan dat hij na het aflopen van zijn huidige ambtstermijn met pensioen gaat. Als gevolg van een ongeluk met een hometrainer in januari zag de 75-jarige Reid er in de Youtube-video met de aankondiging enigszins gehavend uit: een gehoornde bril met één afgedekte lens moest de verwondingen aan zijn rechteroog verbergen. Het ongeluk en het feit dat artsen er tot dusver niet in zijn geslaagd het gezichtsvermogen in het oog terug te brengen hebben volgens Reid niets te maken met zijn beslissing af te treden. Desondanks maakte Reid een afgematte indruk.

Reid wordt door partijgenoten en linkse bondgenoten in de pers beschreven als een effectieve leider in de Senaat. Onder zijn leiding hebben Democraten een flink aantal links-progressieve paradepaardjes goedgekeurd gekregen. Reid is als weinig anderen in staat gebleken om zijn partij bijeen te houden tijdens cruciale stemmingen. Zonder de vastberaden blik van Reid en zijn gewiekste coördinatie met toenmalig voorzitster van het Huis van Afgevaardigden Nancy Pelosi was er in 2010 niets terecht gekomen van Obamacare. Reid wist de gelederen gesloten te houden. Ternauwernood en door handig gebruik van allerlei achterdeurtjes in de regels van het Congres wisten Reid en Pelosi de wet er samen door te drukken.

Als Democratisch fractieleider is Reid hét scharnier van het Congres: zonder hem gebeurt er niets. Dat geldt overigens net zo goed nu zijn partij niet langer de meerderheid in de Senaat heeft. Als leider van de meerderheid (van 2007 tot begin dit jaar) was zijn taak vooral die van goalkeeper: bijna alle belangrijke wetsvoorstellen die het sinds 2010 door Republikeinen beheerste Huis van Afgevaardigden naar de Senaat stuurde werden geweerd. De zittingsjaren 2011 en 2012 zijn de geschiedenisboeken ingegaan als die van het “Do-Nothing-Congress”, omdat er zo weinig wetten werden goedgekeurd. President Obama en Reid klaagden in die jaren bijna dagelijks dat de Republikeinen in het Huis het werk van het Congres uit afgunst en haat jegens de president sabotteerden, maar de belangrijkste reden voor het feit dat president Obama zo weinig wetten kreeg toegestuurd voor zijn bevestigende krabbel is de vakkundige blokkage van Harry Reid. Niets dat hem of zijn partijgenoot Obama onwelgevallig was werd toegelaten en zo werd Obama de noodzaak bespaard om persoonlijk zijn veto over controversiële zaken uit te spreken. Het was een uitgekookte opzet die het spotlicht van de president weghield en alle controverse dicht bij het Huis en dus de Republikeinse oppositie hield. Harry Reid fungeerde in wezen als Obama’s waakhond.

Maar ook nu Republikein Mitch McConnell de leiding in de Senaat heeft overgenomen, bedient Reid zich van zijn kennis van de regels van de Senaat om de Republikeinen te dwarsbomen. Momenteel liggen de benoeming van een nieuwe minister van Justitie én goedkeuring van een wet tegen mensenhandel stil, omdat Reid de deur op slot heeft gedaan. Zo lang Republikeinen vasthouden aan een clausule in de mensenhandelwet dat federale subsidies voor abortusbehandelingen verbiedt blokkeert Reid de mogelijkheid van een quorum en wordt er over het wetsontwerp niet gestemd. Republikeinen weigeren in reactie om over de bevestiging van Loretta Lynch, de door de president genomineerde opvolger van minister Holder van Justitie, te stemmen.

Reids onverbiddelijke standvastigheid laat nogal wat scherven achter. Er lijkt hem maar weinig heilig geweest te zijn. Eén van zijn meest geliefde manoeuvres was een praktijk die “filling the tree” heet: als leider van de Senaat eiste hij het recht op als eerste amendementen op een wet in te dienen en gebruikte dan het maximaal toegestane aantal amendementen in één keer op. Zo werd de Republikeinse oppositie het parlementaire recht op amendement ontnomen. Reid gebruikte deze manoeuvre vaker dan al zijn voorgangers.

Hij kende de parlementaire regels als de beste, overtrad ze geregeld en in 2013 veranderde hij debatsregels eigenhandig om de toenmalige Republikeinse minderheid dwars te zitten. Die zet legde een bom onder de toch al gespannen politieke verhoudingen in Washington en was volgens velen overduidelijk ontoelaatbaar onder de gegeven Senaatsregels.

De commentaren in de conservatieve media zijn dan ook niet mals. “(Harry Reid) is al lang één van de kwalijkste aspecten van de Amerikaanse regering: een zelfzuchtige, malafide, schijnheilige, gewetenloze charlatan,” schrijft de redactie van National Review. Michael Warren van het conservatieve weekblad The Weekly Standard schrijft: “In de kern is het verhaal van Reid, met name zijn acht jaar als leider van de Senaat, er één van een kortzichtige tiran die op de korte termijn politieke winst en tactische overwinningen boekte, en tegelijkertijd zowel de Senaat als instituut en zijn eigen partij schade toebracht.” De redactie van de Washington Examiner schrijft minachtend over het “lage gedrag” van Reid als leider van de Senaat. Hij misbruikte het spreekgestoelte van de Senaat om valse geruchten over Mitt Romneys belastingen te verspreiden en om een lastercampagne jegens libertaire miljonairs Charles en David Koch te voeren. Hij noemde George W. Bush een leugenaar en loser. Reids valse tactieken zijn verantwoordelijk voor het feit dat de Senaat een poel des verderfs is geworden. “Moge hij een lang pensioen genieten en moge de Senaat hem belonen door verschillende dumpplaatsen voor kernafval naar hem te noemen,” bijt de krant.

De persoonlijke rijkdom die Reid tijdens zijn drie decennia in de Senaat heeft vergaard is een symbool voor Reids prioriteten en de invloed in zijn thuisstaat Nevada. Schatting van zijn vermogen lopen uiteen maar met zes miljoen dollar heeft hij zijn bescheiden overheidssalaris tamelijk fortuinlijk kunnen vermeerderen. Andere inkomstenbronnen – waaronder de voor politici tamelijk gewone gages als consulent of spreker – moeten flink hebben bijgedragen aan dit financiële succes, maar de details van Reids financiën blijven even vakkundig verborgen als zijn sluikse parlementaire praktijken.

Er bestaat geen twijfel over dat Reid veel heeft gepresteerd waar Democraten tevreden over kunnen zijn. De prijs die het land daarvoor heeft moeten betalen is erg hoog. Door alle kaarten op het goedkeuren van zoveel mogelijk links-progressieve wensdromen te zetten, coûte que coûte, heeft Reid veel wetgevende macht aan de president afgestaan. Niet alleen Obamacare, maar veel van de wetten die Reid, met of zonder hulp van Nancy Pelosi, sinds 2009 door het Congres heeft gesluisd, bevatten stapels cadeaus aan de bureaucraten in de verschillende federale departementen en daarmee aan de Democratisch-gezinde overheidsvakbonden.

De regelgeving is enorm toegenomen onder president Obama. Alleen Obamacare bevat al twintigduizend bladzijdes nieuwe regelgeving voor de medische en verzekeringsindustrie, terwijl de EPA, de toezichthouder voor milieu, de afgelopen jaren als een wilde nieuwe richtlijnen, standaarden en bureaucratische regels uitvaardigt. Zaken waar het Congres voorheen toestemming voor moest geven liggen nu voor langere tijd geheel binnen de jurisdictie van ministeries en toezichthouders. Het verminderen van de macht van het Congres ten gunste van bureaucraten was één van de belangrijkste motivaties voor Harry Reid in de wetenschap dat zijn tijd op de tak waaraan hij zaagde sowieso beperkt was, maar ook dat hij daarmee eventuele Republikeinse opvolgers voor lange tijd buitenspel zou zetten. In ruil voor deze goede zaken is Reid rijkelijk beloond. Wie klaagt over het gebrek aan daadkracht bij het Amerikaanse Congres moet zich de rol van Reid bij het ontmannen van dat Congres goed realiseren.

Het lijkt er niet op dat Reid deze politiek gevoerd heeft uit een ideologische overtuiging. Van Barack Obama is bekend dat hij gelooft in een sterke centrale overheid met een  machtig staatsapparaat. Een dergelijk overtuiging ontbreekt ogenschijnlijk bij Reid. Zijn staat van dienst als gewetenloze machtswellusteling, die alles deed om de macht van zichzelf en zijn partij te vergroten, suggereert dat het hem eerder om persoonlijk gewin gaat. Deze aanpak speelde de opkomende links-progressieve extreme vleugel binnen de Democratische partij weliswaar in de kaart, maar Reid kijkt in eerste instantie naar zijn eigen belangen. Morele overwegingen zoals het belang van het land of de mensheid zijn hem vreemd.

In januari 2017 zal Harry Reid zijn kantoor definitief verlaten, maar de littekens die hij in de Senaat en de constitutionele orde heeft veroorzaakt zullen nog lang zichtbaar blijven. Zijn machtspolitiek is debet aan de huidige Koude Oorlog tussen Democraten en Republikeinen in het Congres, want onder zijn bewind werd de eigen partij gezuiverd van weifelaars en gematigden: de ene helft werd door Reid met de rug tegen de muur geworpen en de andere helft werd door de kiezer of door het eigen geweten van zijn senaatszetel ontheven. In het klimaat dat Reid, Pelosi en Obama hebben geschapen bestaan er geen mogelijkheden tot compromissen sluiten; elke poging daartoe werd doeltreffend neergesabeld of van tevoren al onmogelijk gemaakt. Voor Reid is het alles of niks, buigen of barsten, zijn wil is wet. Die onverbiddelijke houding spoorde gefrustreerde conservatieve kiezers al snel na de absolute machtsovername van de Democraten in Washington aan om het spel ook hard te spelen en de Tea Party werd geboren. De reeks onbuigzame Republikeinen die sinds 2012 in het Huis en de Senaat werd gekozen speelt het politieke spel met het mes op tafel, net als Reid. Ted Cruz, in de Democratisch-gezinde massamedia vaak neergezet als een onredelijke en extreme politicus, is in wezen gewoon de conservatieve tweelingbroer van Reid. Als het in het Congres hard tegen hard gaat ligt dat niet alleen maar aan de Republikeinen; er is hier duidelijk sprake van actie en reactie.

Het vertrek van Reid kan niet snel genoeg komen. Halfzachte evaluaties van Reid met termen als “effectief” en “kundig” zijn amorele miskenningen van de betekenis van Reid in Washington, zeker in de laatste tien jaar. Zij geven zich geen rekenschap van Reids verderfelijke invloed in Washington en doen geen recht aan de schande die Amerika moet dragen deze ellendeling als Senaatsleider te hebben gehad.

woensdag 25 maart 2015

Na vijf jaar blijft Obamacare impopulair

De officiële ondertekening van Obamacare, 23 maart 2010
Pete Souza (CC 2.0)

Deze week werd Obamacare vijf jaar oud. Je zou verwachten dat de regering-Obama groots en triomfantelijk feest zou vieren over dit heuglijke feit, gezien de tam-tam die destijds in 2010 over de ondertekening van de monsterwet werd gemaakt. Anno 2015 is de president een beetje stilletjes, want de wet blijft erg impopulair. Sterker nog, volgens The Weekly Standard is het zelfs al twee jaar en twee maanden geleden sinds er ook maar een enkele peiling was die meer steun voor dan verzet tegen de wet aantoonde.
Real Clear Politics has listed 178 polls on Obamacare. All 178 have found it to be unpopular. In addition, the Kaiser Health Tracking Poll — a left-leaning outlier that RCP doesn’t even list and which (contrary to essentially every other poll) actually claimed Obamacare was popular at the time of its passage — has released 22 polls on Obamacare during Obama’s second term. All 22 have found it to be unpopular. So, in all, Obamacare has gone 0-200 during Obama’s second term.
Tweehonderd peilingen op rij tonen aan dat een meerderheid van de Amerikanen ontevreden is over Obamacare. Dat zelfs de linkse pro-Obama-organisatie Kaiser een ongebroken reeks peilingen met een negatief resultaat voor Obamacare aantoont is frappant en onderstreept hoe zwaar de president en zijn partij hebben gefaald in hun poging het gezondheidsstelsel te verbeteren.

De mankementen in Obamacare zijn intussen genoegelijk bekend en er ligt intussen een flinke stapel Republikeinse tegenvoorstellen klaar, die alle een einde maken aan de inefficiëntie, de verstrikkende wirwar van regelgeving en de boekhoudkundige goocheltrucjes van de huidige wet. Als de Republikeinse partij en haar presidentskandidaat in 2016 een samenhangend hervormingspakket kunnen presenteren hebben ze een goede kans om volgend jaar de verkiezingen flink te winnen, want het is duidelijk: Amerika is Obama’s grootste en duurste mislukking meer dan zat.

P.s.: Ook vooraanstaande linkse journalisten Kirsten Powers (columniste voor The Daily Beast en USA Today) en Ron Fournier (National Journal) hebben recentelijk toegegeven dat ze er moe van zijn geworden Obamacare te verdedigen. Kirsten Powers zei: “People who have supported this law, who support universal health care are constantly put in a position of having to defend this President who has really incompetently put this together, rolled it out.”

woensdag 11 maart 2015

Hillary lapt de wet aan haar laars

Hillary Clinton spreekt tijdens de Vrouwenconferentie van de VN in New York, 10 maart 2015.
Foto: UN Women / J Carrier (CC 2.0)
Het schandaal rond Hillary Clintons e-mails escaleert nu er meer details over haar wetteloze gedrag bekend worden. Het schandaal brengt haar mogelijke kandidatuur voor het presidentschap in gevaar.
“Ik heb geen enkele wet of regel overtreden,” verklaarde Hillary Clinton afgelopen dinsdag in een persconferentie. De gedoodverfde Democratsiche presidentskandidate in 2016 reageerde hiermee op het onlangs uitgelekte nieuws dat al haar officiële e-mailverkeer als minister via een zelf aangelegde server in haar eigen huis heeft plaatsgevonden.

De hele affaire is ernstig verdacht. Aanvankelijk durfde niemand te beweren dat Bill en Hillary Clinton, beiden zeer intelligent en advocaten, dom genoeg zouden zijn geweest om willens en wetens, of zelfs maar uit onachtzaamheid, de wet te overtreden, maar bij nadere beschouwing lijken er meerdere wetten met voeten zijn getreden.

Volgens Shannen Coffin, voormalig juridisch adviseur van president George W. Bush, is alleen al het feit dat Clinton pas twee jaar na haar vertrek als minister, en niet al voor het ontruimen van haar kantoor in Washington, haar e-mails aan overheidsfunctionarissen overdraagt strafbaar. En zolang Hillary Clinton de e-mails zelf beheerde waren ze niet beschikbaar voor parlementair toezicht. Dat is een kwalijke zaak in het licht van de hardnekkige pogingen door het Congres de afgelopen twee jaar om informatie over haar rol in het Benghazi-schandaal bij het ministerie los te peuteren.

De details van de zaak worden met de minuut merkwaardiger. De persconferentie riep nog meer vragen op dan dat ze beantwoordde en dat had gedeeltelijk te maken met de manier waarop die persconferentie was georganiseerd: veel journalisten konden niet meer tijdig een perspas voor het gebouw van de VN krijgen, waar de persconferentie was belegd. Was dit een tactiek om lastige journalisten en serieuze vragen te ontwijken?

Wat Clinton meedeelde bevatte meerdere tegenstrijdigheden, en zelfs enkele domme leugens. Zo beweerde ze dat ze persoonlijk e-mails van haar man had verwijderd, terwijl deze tot op vandaag beweert in zijn hele leven maar twee e-mails te hebben verstuurd, geen van beide aan Hillary. Ook beweerde ze nooit vertrouwelijke informatie te hebben verzonden via haar eigen e-mailadres, iets wat zelfs de linkse New York Times ongeloofwaardig vindt.

Dit kan en mag door de pers niet worden afgedaan als een slordige organisatie van legitieme activiteiten. Als Clinton in 2016 kandidate voor het presidentsschap wil zijn, zal ze moeten aantonen dat ze de wet respecteert en openheid van zaken geven over haar ambtstijd als minister.

Alles in haar gedrag in deze zaak wekt de indruk dat ze op heel brutale wijze van tevoren heeft gepland om wat betreft haar officiële communicaties als minister een soort dubbele boekhouding te voeren door alle e-mails aan de controle van overheidssystemen te onttrekken. Zolang die fysieke mailserver bij de Clintons thuisblijft en niet door de overheid op knoeien wordt gecontroleerd, kan Hillary zelf volledig het beeld scheppen wat over haar ambtstijd als minister naar buiten komt.

Ook andere functionarissen in de regering-Obama hebben hun e-mailverkeer op slinkse wijze gemanipuleerd, waaronder minister van Justitie Eric Holder, die blijkbaar drie aparte adressen onder pseudoniemen gehad schijnt te hebben. Maar niemand is zo onbeschaamd geweest als Clinton.

Het persbureau AP heeft nu een kort geding aangespannen tegen de regering-Obama om inzage in de e-mails van Hillary Clinton te krijgen. Twee jaar lang krijgt AP al nul op het rekest van een regering die zich in stilte en geheimzinnigheid hult. Hillary doet verwoede pogingen de zaak in de doofpot te stoppen, maar dit schandaal is al geen schandaaltje meer.

Het lastige is dat de e-mails van Clinton weinig bewijzen kunnen, maar de enorme onzekerheid die door deze affaire is geschapen zal haar nog lange tijd achtervolgen en kan haar tijdens de verkiezingscampagne in de weg zitten. En dat ligt nu eens niet aan Republikeinse samenzweerders. Dat heeft ze aan zichzelf te danken.