zaterdag 20 oktober 2012

Agressieve toon van Obama en Biden drijft kiezer naar Romney

Okee, het klinkt clichématig, maar het lijkt erop dat de presidentsverkiezingen van 2012 geschiedenis schrijven. Niet alleen was het de duurste campagne ooit, het was ook één van de vuilste. Zelden waren er zoveel campagnespotjes en toespraken met zoveel uit hun verband gerukte uitspraken of grove leugens over het beleid, de plannen of de persoon van de tegenstander. En dat geldt even goed voor Romney als voor Obama en hun beider teams.

Ook de debatten hebben een veel grotere invloed dan gewoon. Er is ten eerste veel meer inhoud en dat is positief. Maar ze zijn ook ongekend grof. Dat was het opvallendst tijdens het vice-presidentiële debat tussen Joe Biden en Paul Ryan. Democraten waren aanvankelijk erg opgelucht dat vice-president Biden met zijn agressieve prestatie Ryan flink in de verdediging dwong en de herinnering aan het slappe, haast narcoleptische optreden van president Obama leek te hebben uitgewist. Ook Obama vond men in zijn tweede debat een stuk overtuigender. Biden en Obama werden enthousiast tot winnaars uitgeroepen.

Maar nu de peilingen een duidelijke kentering in de richting van Romney en Ryan laten zien, voert een andere analyse de boventoon. Niemand praatte achteraf over de punten die Obama en Biden scoorden, maar wel over het feit dat velen Biden en Obama erg onbeleefd vonden. Dat is ook historisch, schreef Peggy Noonan afgelopen vrijdag in The Wall Street Journal. Daar stond de president van het machtigste land ter wereld en hij verklaarde dat de man naast hem op het podium een egoïstische gierigaard was. Zelden was er een dergelijk tastbare antipathie tussen twee kandidaten.

De misrekening die Obama en Biden hebben gemaakt is het debat in te gaan als een bokswedstrijd waarin de tegenstander moest worden overwonnen. Romney en Ryan zagen in het debat eerder een kans om kiezers voor zich te winnen. De peilingen laten zien welke benadering juist is gebleken—en dat de kiezers een beperkte tolerantie voor grofheid hebben.